
Nieuwe aanbevelingen voor smartengeld vanaf 2026: wat betekent dit voor u?
Wie letsel oploopt door een ongeval of geweld, krijgt vaak te maken met schade die niet in geld is uit te drukken. Pijn, verdriet, angst, verlies van levensvreugde. Voor die schade bestaat smartengeld.
Per 1 januari 2026 gelden binnen de Rechtspraak nieuwe aanbevelingen voor het begroten van smartengeld. Deze aanbevelingen zorgen voor meer duidelijkheid, meer rechtseenheid én in sommige gevallen hogere vergoedingen. In deze blog leg ik uit wat smartengeld is en wat er met deze nieuwe aanbevelingen verandert.
Wat is smartengeld?
Smartengeld is een financiële vergoeding voor immateriële schade: schade die niet direct in geld is uit te drukken. Denk aan:
pijn en lichamelijk ongemak
angst, stress en verdriet
verlies van levensvreugde
blijvende beperkingen of ontsiering
Smartengeld is bedoeld als erkenning en genoegdoening. Het neemt het leed niet weg, maar erkent dat u iets is aangedaan dat diepe impact heeft op uw leven. De wettelijke basis hiervoor staat in artikel 6:106 BW.
De Rotterdamse Schaal als uitgangspunt
Rechters maken bij het bepalen van smartengeld gebruik van de zogeheten Rotterdamse Schaal. Deze schaal:
deelt letsel in naar aard en ernst;
werkt met bandbreedtes (minimale en maximale bedragen); en
is gebaseerd op bestaande Nederlandse rechtspraak.
Waarom nieuwe aanbevelingen?
De Raad voor de Rechtspraak heeft een rechterlijke werkgroep gevraagd om de Rotterdamse Schaal aan te vullen met duidelijke inhoudelijke richtlijnen. Het doel:
meer voorspelbaarheid
minder willekeur
meer recht doen aan ernst en verwijtbaarheid
Deze aanbevelingen zijn vastgesteld op 11 december 2025 en gelden vanaf 1 januari 2026.
De belangrijkste aanbevelingen uitgelegd
1. De bandbreedte is geen plafond
Rechters mogen boven de bandbreedte uitkomen als de omstandigheden daartoe aanleiding geven. Wel is dan een goede motivering vereist. Dit betekent: ruimte voor maatwerk als een zaak dat echt verdient.
2. Hoger smartengeld voor jonge slachtoffers
Bij blijvend letsel geldt:
kinderen t/m 14 jaar: +25%
jongeren en jongvolwassenen (15–29 jaar): +15%
De gedachte hierachter is dat wie jong letsel oploopt, er veel langer mee moet leven. Dat rechtvaardigt een hogere vergoeding.
Verhoging bij ernstige verwijtbaarheid of opzet
Opzettelijk toegebracht letsel veroorzaakt aantoonbaar meer leed. Deze aanbeveling erkent dat. Dit is geen extra straf voor de dader, maar een manier om het extra ervaren leed beter te compenseren voor het slachtoffer. Bij ernstige verwijtbaarheid of opzettelijk toegebracht letsel in de A- en B-categorie van de Rotterdamse Schaal kan het smartengeld worden verhoogd met:
10% tot 25%,
waarbij 25% is gereserveerd voor uiterst verwijtbaar gedrag
4. Opslagen worden niet vermenigvuldigd
Als zowel leeftijd als opzet een rol speelt, worden de verhogingen opgeteld, niet vermenigvuldigd. Dat voorkomt buitensporige uitkomsten, maar laat ruimte voor rechtvaardige correcties.
Duidelijke rekenmethode
Bij meerdere, losstaande letsels geldt:
zwaarste letsel: 100%
tweede letsel: 50%
derde en volgende letsels: tellen mee als factor
Dit voorkomt dat vergoedingen uit balans raken, maar erkent wel de stapeling van leed.
6. Duur van het letsel telt expliciet mee
Er wordt nu duidelijk onderscheid gemaakt tussen:
kortdurend letsel: herstel binnen 6 maanden
langdurig letsel: herstel tot 2 jaar
blijvend letsel: klachten na 2 jaar
Wat betekent dit voor u als slachtoffer?
Deze aanbevelingen betekenen in de praktijk:
meer erkenning voor ernstig en verwijtbaar letsel
betere bescherming van jonge slachtoffers
meer ruimte voor hogere smartengeldbedragen
minder willekeur tussen zaken
Deze aanbevelingen zijn niet bindend, maar rechters zullen ze wel als leidraad gebruiken.
Heeft u vragen over smartengeld of wilt u weten wat deze nieuwe aanbevelingen voor uw zaak betekenen? Neem dan vrijblijvend contact op.



